Fokprogramma’s
Fokprogramma
Doel van het fokprogramma
Het fokprogramma is gericht op het verminderen van de meest voorkomende erfelijke aandoeningen, zonder daarbij te veel honden uit te sluiten, om de genetische diversiteit binnen de ras populatie te behouden. In plaats van systematisch dieren uit te sluiten, hebben we een fokadvies opgesteld dat gebaseerd is op doordachte combinaties. Hierbij wordt uiteraard rekening gehouden met de fysieke gezondheid van de dieren, en honden die lijden aan één van deze aandoeningen worden uitgesloten voor de voortplanting.
Rasfiche
Verplichte prestatieonderzoeken
| Methode: | DNA test (variant: SOD1: c.118G>A) |
|---|---|
| Frequentie: | Eenmalig |
| Leeftijd: | vanaf geboorte |
| Overerving: | autosomaal recessief |
| Methode: | echocardiografie (+ Holter monitoring sterk aanbevolen)* |
|---|---|
| Frequentie: | 1 jaar geldig |
| Leeftijd: | vanaf 3 jaar** |
| Methode: | RX (CT mag aanbevolen worden, maar is niet verplicht) |
|---|---|
| Frequentie: | Eenmalig |
| Leeftijd: | minimum 1 jaar |
| Methode: | RX: VD en laxiteitsopname (Vezzoni of PennHIP) |
|---|---|
| Frequentie: | Eenmalig |
| Leeftijd: | minimum 1 jaar (laxiteitsopnames: min. 6 maand) |
| Methode: | DNA test (variant: LAMP3 ( XP_848889.2:p.(E387K)) |
|---|---|
| Frequentie: | Eenmalig |
| Leeftijd: | vanaf geboorte |
| Overerving: | autosomaal recessief |
| Methode: | DNA test (variant: RPGRIP1: c.142_143ins[A[29]; GGAAGCAACAGGATG) |
|---|---|
| Frequentie: | Eenmalig |
| Leeftijd: | vanaf geboorte |
| Overerving: | autosomaal recessief |
| Methode: | Algemeen oogonderzoek |
|---|---|
| Frequentie: | 2 jaar geldig |
| Leeftijd: | minimum 1 jaar |
Aanbevolen prestatieonderzoeken
| Methode: | DNA test (variant: RAB24 XM_005619162.3:c.113A>C) |
|---|---|
| Frequentie: | Eenmalig |
| Leeftijd: | vanaf geboorte |
| Overerving: | autosomaal recessief |
Fokadvies
Fokadvies per prestatieonderzoek
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Drager | Positief |
| Vrij | Lijder | Positief |
| Vrij | Ongetest | Positief |
- vrij: het dier heeft 2 normale gen kopijen. Het wordt beschouwd als "vrij" en zal geen symptomen ontwikkelen ten gevolge van de onderzochte variant, vrije dieren kunnen de variant niet doorgeven aan hun nakomelingen
- drager: het dier heeft 1 normale en 1 variante ("aangetaste") gen kopij. Het wordt beschouwd als "drager" en zal geen symptomen ontwikkelen ten gevolge van de onderzochte variant. Dragers hebben 50% kans om de variant door te geven aan hun nakomelingen
- lijder: het dier heeft 2 variante ("aangetaste") gen kopijen. Het wordt beschouwd als "lijder" en zal symptomen ontwikkelen ten gevolge van de onderzochte variant. Lijders geven de variant door aan al hun nakomelingen
- ongetest: er werd geen DNA test uitgevoerd
Lijders van autosomaal recessieve aandoeningen mogen enkel ingezet worden indien het welzijn van het dier en de nakomelingen verzekerd is.
Vrij door afstamming: wanneer beide ouders van een fokdier aan de hand van DNA vrij getest zijn voor een aangetast of afwijkend allel en via ouderschapsverificatie is aangetoond dat ze de ouders zijn, hoeft het fokdier niet opnieuw te worden getest, maar mag ervan uitgegaan worden dat het fokdier eveneens vrij is van het desbetreffende aangetaste of afwijkende allel.
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
** Jongere honden mogen worden ingezet in de fok, op voorwaarde dat het andere ouderdier de minimumleeftijd reeds heeft behaald, het prestatieonderzoek reeds heeft ondergaan en hiervoor vrij is. Van zodra de jongere hond de minimumleeftijd van 3 jaar heeft bereikt, moet het prestatieonderzoek worden uitgevoerd voor er opnieuw mee wordt gefokt.
- vrij: Geen tekenen van ARVC/DCM aanwezig op echocardiografie en eventueel normale Holtermonitoring.
- verdacht: Tekenen van ARVC/DCM aanwezig op echocardiografie en/of abnormale Holtermonitoring. De hond moet na 6 maanden opnieuw worden getest.
- aanwezig: Tekenen van ARVC/DCM aanwezig op echocardiografie en/of abnormale Holtermonitoring bij twee opeenvolgende onderzoeken.
- geen resultaat: ARVC/DCM werd niet onderzocht via echocardiografie en/of Holtermonitoring.
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Categorie 0 | Categorie 0 | Positief |
| Categorie 0 | Categorie 1 | Positief |
| Categorie 0 | Categorie 2 | Voorwaardelijk positief |
| Categorie 1 | Categorie 1 | Voorwaardelijk positief |
- graad 0: normaal ellebooggewricht, geen incongruentie, sclerose of arthrose
- graad 1: osteofyten van minder dan 2 mm. Sclerose aan de basis van de processus coronoideus. Trabeculair patroon nog zichtbaar.
- graad 2: osteofyten van 2-5 mm. Duidelijke sclerose (geen trabeculair patroon) aan de basis van de processus coronoideus. Trap van 3-5 mm tussen de radius en de ulna (incongruentie). Indirecte tekenen van een primair letsel (UAP, FCP/coronoid disease, OCD).
- graad 3: osteofyten van meer dan 5 mm. Trap van >5 mm tussen de radius en de ulna (duidelijke incongruentie). Duidelijke aanwezigheid van een primair letsel (UAP, FCP/coronoid disease, OCD).
- ongetest: er werd geen radiografie uitgevoerd
De graad van de sterkst aangetaste elleboog dient als de eindgraad voor het dier.
Voor in het buitenland geregistreerde honden levert een ongekend resultaat, gecombineerd met een ouderdier met graad 0, een voorwaardelijk positief fokadvies op.
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Categorie A | Categorie A | Positief |
| Categorie A | Categorie B | Positief |
| Categorie A | Minimaal risico | Positief |
| Categorie A | Laag risico | Positief |
| Categorie B | Minimaal risico | Positief |
| Categorie B | Laag risico | Positief |
| Minimaal risico | Minimaal risico | Positief |
| Minimaal risico | Laag risico | Positief |
| Minimaal risico | Hoog risico | Positief |
| Laag risico | Laag risico | Positief |
| Categorie B | Categorie B | Voorwaardelijk positief |
| Laag risico | Hoog risico | Voorwaardelijk positief |
- laxiteitsindex:
- minimaal risico: LI < 0,30. Er is een minimaal risico op heupdysplasie.
- laag risico: LI 0,30 - 0,49. Er is een laag risico op heupdysplasie.
- hoog risico: LI 0,50 - 0,69. Er is een hoog risico op heupdysplasie.
- zeer hoog risico: LI ≥ 0,70. Er is een zeer hoog risico op heupdysplasie.
- FCI index: raadpleeg de website van de FCI voor een gedetailleerde beschrijving.
- ongetest: Er werd geen test uitgevoerd.
Honden met artrose mogen niet ingezet worden in de fok.
De heup met de slechtste waarde dient als eindresultaat voor het dier.
Een laxiteitsopname is verplicht voor in België geregistreerde honden, geboren vanaf 1 januari 2025.
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van congenitale cataract
- onbeslist: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van congenitale cataract, deze
- zijn echter onvoldoende specifiek
- niet vrij: er is klinisch bewijs van congenitale cataract
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Andere | Andere | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Andere | Voorwaardelijk positief |
* verdacht: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van niet congenitale cataract, deze zijn echter onvoldoende specifiek
* corticaal: elke vertroebeling in de voorste en/of achterste cortex, één- of tweezijdig (posterieure polaire cataract valt hier NIET onder)
* posterieur polair: dit is een subtype van de corticale cataract: een driehoekige (soms schijfvormige) plaque in de centrale achterste cortex. Soms grenst er een kleinere satellietrozetlaesie aan de centrale vertroebeling. Indien het gaat om een progressieve cataract, zijn er witte vertroebelingen in de achterste cortex
* nucleair: elke witte vertroebeling in de kern, uitgezonderd "fiberglass-like/pulverulent" (zie "Andere")
* andere: hieronder vallen volgende cataracten:
- 'punctate' (witte puntachtige vertroebelingen in de cortex of nucleus)
- 'suture line tips' (duidelijk gedefinieerde witte kleine lineaire vertroebelingen aan het einde van de lijnen)
- 'suture lines' (duidelijk gedefinieerde witte lijn of puntjes in de cortex die een (omgekeerde) Y vormen)
- 'nucleaire ring' (delicate halfdoorzichtige onregelmatig gevormde min of meer cirkelvormige structuur in de nucleus)
- 'fiberglass-like/pulverulent' (glasvezel- of kristalachtige vertroebelingen in de nucleus of verspreide fijne poederachtige korrels parallel aan de hechtdraadlijnen in de achterste nucleus)
* ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Choroïdale hypoplasie | Choroïdale hypoplasie | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Choroïdale hypoplasie | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van collie eye anomalie
- onbeslist: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van collie eye anomalie, deze zijn echter onvoldoende specifiek
- choroïdale hypoplasie: onderontwikkeling van het vaatvlies (choroid)
- andere: coloboma, bloeding,…
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Verdacht | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van corneadystrofie
- verdacht: geringe afwijkingen, die mogelijk passen in het klinische beeld van corneadystrofie, voortschrijden
- van het proces moet dit bevestigen
- niet vrij: er is klinisch bewijs van corneadystrofie
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Niet vrij | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Verdacht | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Ongetest | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van distichiasis/ectopische cilia
- verdacht: geringe afwijkingen passend in het klinische beeld van distichiasis/ectopische cilia, voortschrijden van
- het proces moet dit bevestigen
- niet vrij: er is klinisch bewijs van distichiasis/ectopische cilia
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Niet vrij | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Verdacht | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Ongetest | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van ectropion / macroblepharon.
- verdacht: geringe afwijkingen passend in het klinische beeld van ectropion / macroblepharon. Voortschrijden van het proces moet dit bevestigen.
- niet vrij: er is klinisch bewijs van ectropion / macroblepharon.
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Niet vrij | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Verdacht | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Ongetest | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van entropion/trichiasis
- verdacht: geringe afwijkingen passend in het klinische beeld van entropion/trichiasis, voortschrijden van dit proces moet dit bevestigen
- niet vrij: er is klinisch bewijs van entropion/trichiasis
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van hypoplastische-/micropapil
- onbeslist: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van hypoplastische-/micropapil,
- deze zijn echter onvoldoende specifiek
- niet vrij: er is klinisch bewijs van hypoplastische-/micropapil
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Iris-iris strengen | Iris-iris strengen | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Iris-iris strengen | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van persisterende pupillaire membranen
- onbeslist: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van persisterende pupillaire
- membranen, deze zijn echter onvoldoende specifiek
- iris-iris strengen: overblijfselen van het pupillaire membraan, nog steeds duidelijk aanwezig na pupilverwijding,
- vanaf de iris collarette. Strengen gaan van iris naar iris. Overblijfselen die niet duidelijk zichtbaar zijn op het
- oppervlak/collarette van de iris (bij 10 x vergroting) na pupilverwijding, worden niet vermeld op het formulier
- andere: overblijfselen van het pupillaire membraan, nog steeds duidelijk aanwezig na pupilverwijding, vanaf de
- iris collarette. Hieronder vallen alle strengen die niet van iris naar iris gaan
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Graad 1 | Voorwaardelijk positief |
| Graad 1 | Graad 1 | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van persisterende hyperplastische tunica vasculosa lentis/primair
- vitreum
- onbeslist: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van persisterende
- hyperplastische tunica vasculosa lentis/primair vitreum, deze zijn echter onvoldoende specifiek
- graad 1: kleine, geelbruine hyperplastische puntjes van vezelig weefsel die min of meer centraal op de
- achterste lenscapsule achterblijven
- graad 2-6: ernstige vormen (meestal bilateraal) die kunnen leiden tot visuele problemen, samen met de graad
- 1 hyperplastische puntjes kan een plaque van wit fibrovasculair weefsel achterblijven, achterblijfsels van
- andere delen van het hyaloïde systeem en ernstigere misvormingen van de lens (zoals lenticonus, pigment of
- bloed in de lens of erachter, lenshypoplasie, sferofakie), verlengde ciliaire processen en/of microphthalmie
- kunnen ook aanwezig zijn
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Verdacht | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van primaire lens luxatie
- verdacht: geringe afwijkingen passend in het klinische beeld van primaire lens luxatie, voortschrijden van het
- proces moet dit bevestigen
- niet vrij: er is klinisch bewijs van primaire lens luxatie
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| Vrij | Verdacht | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van retinadegeneratie
- verdacht: geringe afwijkingen passend in het klinische beeld van retinadegeneratie, voortschrijden van het
- proces moet dit bevestigen
- niet vrij: er is klinisch bewijs van retinadegeneratie
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Vrij | Vrij | Positief |
| (Multi)focaal | (Multi)focaal | Voorwaardelijk positief |
| (Multi)focaal | Geografisch | Voorwaardelijk positief |
| Geografisch | Geografisch | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | (Multi)focaal | Voorwaardelijk positief |
| Vrij | Geografisch | Voorwaardelijk positief |
- vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van retinadysplasie
- onbeslist: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van retinadysplasie, deze zijn echter onvoldoende specifiek
- (multi)focaal: lineaire (wormvormige), driehoekige, gebogen of boogvormige foci van retinale vouwing (enkel- of meervoudig)
- geografisch: onregelmatige, hoefijzer- of blaasvormige gebieden van abnormale retinale ontwikkeling. Deze bevatten zowel gebieden van verdunning als focale netvliesloslating en gebieden van retinale desorganisatie totaal: ernstige retinale desorganisatie geassocieerd met totale retinaloslating, geassocieerd met gedeeltelijk of volledig gezichtsverlies
- niet vrij: er is klinisch bewijs van retinadysplasie
- ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd
| Resultaat ouderdier 1 | Resultaat ouderdier 2 | Fokadvies |
|---|---|---|
| Niet ernstig | Niet ernstig | Positief |
Bij het oogonderzoek kan worden aangeduid of er een ernstige oogaandoening aanwezig is.
Voor het fokadvies is dit enkel gunstig wanneer ernstig niet is aangevinkt bij beide ouderdieren.
Globaal fokadvies
Inteelt
Een teef mag niet worden gedekt door haar grootvader, haar vader, haar broer, haar halfbroer, haar zoon of haar kleinzoon.
De inteeltcoëfficiënt (COI) van een nakomeling mag maximum 1% hoger zijn dan de gemiddelde COI van beide ouders berekend op minimum 3 generaties. Zijn er minder dan 3 generaties van de ouders gekend, dan is de combinatie enkel toegestaan als er geen gemeenschappelijke voorouders zijn langs zowel vaders- als moederskant. Alle fokadviezen voor de verplichte testen moeten dan positief zijn.
Om te voorkomen dat ziekte veroorzakende mutaties zich te veel verspreiden binnen het ras of de populatie, is het essentieel om een reu niet te vaak te laten dekken. Zo beperken we de verspreiding van schadelijke genetische varianten en dragen we bij aan het behoud van de gezondheid van het ras op lange termijn.
Sperma ingevroren vóór 01/01/2025 mag gebruikt worden voor inseminatie van een teef, op voorwaarde dat de teef de verplichte prestatieonderzoeken heeft ondergaan en hiervoor resultaten heeft waaruit een (voorwaardelijk) positief resultaat zou kunnen voortkomen. Voor DNA testen wordt het gebruik van diepvriessperma gelijkgesteld aan het gebruik van een ongeteste reu, uitgezonderd als de reu getest is voor of na het invriezen.
Onderzoeken
De verplichte onderzoeken moeten uitgevoerd worden. Zodra één of meer van deze uitslagen een "fokverbod" is, mag deze combinatie niet uitgevoerd worden.
Bij een DNA-test is alleen "positief" of "fokverbod" advies mogelijk. Bij bepaalde onderzoeken is ook een voorwaardelijk positief fokadvies mogelijk. Voorwaardelijk positief fokadvies betekent dat dit geen ideale paring is op basis van deze test, maar dat de paring wel is toegestaan. Dergelijke combinaties worden toegestaan om de genetische diversiteit van een ras niet in het gedrang te brengen.
Afhankelijk van het aantal klinische onderzoeken waaruit een voorwaardelijk positief fokadvies kan komen, wordt er een maximum aantal voorwaardelijk positieve uitslagen toegelaten:
- 1-2 onderzoeken: max 1 keer voorwaardelijk positief
- 3-4 onderzoeken: max 2 keer voorwaardelijk positief
- 5 of meer onderzoeken: max 3 keer voorwaardelijk positief
- Oogaandoeningen worden hierbij buiten beschouwing gelaten
Verplichte prestatieonderzoeken
Algemene onderzoeken
| Test | Methode | Frequentie | Leeftijd | Overerving | Advies | Info | Formulier | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Degeneratieve myelopathie (DM) SOD1: c.118G>A | DNA test | Eenmalig | vanaf geboorte | autosomaal recessief | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Degeneratieve myelopathie (DM)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
autosomaal recessief
Lijders van autosomaal recessieve aandoeningen mogen enkel ingezet worden indien het welzijn van het dier en de nakomelingen verzekerd is. Vrij door afstamming: wanneer beide ouders van een fokdier aan de hand van DNA vrij getest zijn voor een aangetast of afwijkend allel en via ouderschapsverificatie is aangetoond dat ze de ouders zijn, hoeft het fokdier niet opnieuw te worden getest, maar mag ervan uitgegaan worden dat het fokdier eveneens vrij is van het desbetreffende aangetaste of afwijkende allel. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Dilatorische cardiomyopathie (DCM) | echocardiografie (+ Holter monitoring sterk aanbevolen)* | 1 jaar geldig | vanaf 3 jaar** | multifactorieel | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Dilatorische cardiomyopathie (DCM)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Dilatorische cardiomyopathie* OPGELET! Zonder Holter monitoring is er geen zekerheid dat een dier vrij is van DCM.** Jongere honden mogen worden ingezet in de fok, op voorwaarde dat het andere ouderdier de minimumleeftijd reeds heeft behaald, het prestatieonderzoek reeds heeft ondergaan en hiervoor vrij is. Van zodra de jongere hond de minimumleeftijd van 3 jaar heeft bereikt, moet het prestatieonderzoek worden uitgevoerd voor er opnieuw mee wordt gefokt.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Elleboogdysplasie (ED) | RX (CT mag aanbevolen worden, maar is niet verplicht) | Eenmalig | minimum 1 jaar | multifactorieel | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Elleboogdysplasie (ED)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Elleboogdysplasie
De graad van de sterkst aangetaste elleboog dient als de eindgraad voor het dier. Voor in het buitenland geregistreerde honden levert een ongekend resultaat, gecombineerd met een ouderdier met graad 0, een voorwaardelijk positief fokadvies op. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Heupdysplasie (HD) | RX: VD en laxiteitsopname (Vezzoni of PennHIP) | Eenmalig | minimum 1 jaar (laxiteitsopnames: min. 6 maand) | multifactorieel | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Heupdysplasie (HD)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Heupdysplasie
Honden met artrose mogen niet ingezet worden in de fok. De heup met de slechtste waarde dient als eindresultaat voor het dier. Een laxiteitsopname is verplicht voor in België geregistreerde honden, geboren vanaf 1 januari 2025. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Lung Developmental Disease (LAMP3) LAMP3 ( XP_848889.2:p.(E387K) | DNA test | Eenmalig | vanaf geboorte | autosomaal recessief | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Lung Developmental Disease (LAMP3)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
autosomaal recessief
Lijders van autosomaal recessieve aandoeningen mogen enkel ingezet worden indien het welzijn van het dier en de nakomelingen verzekerd is. Vrij door afstamming: wanneer beide ouders van een fokdier aan de hand van DNA vrij getest zijn voor een aangetast of afwijkend allel en via ouderschapsverificatie is aangetoond dat ze de ouders zijn, hoeft het fokdier niet opnieuw te worden getest, maar mag ervan uitgegaan worden dat het fokdier eveneens vrij is van het desbetreffende aangetaste of afwijkende allel. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Progressieve retina atrofie – cone-rod dystrophy 4 (cord1-PRA/crd4) RPGRIP1: c.142_143ins[A[29]; GGAAGCAACAGGATG | DNA test | Eenmalig | vanaf geboorte | autosomaal recessief | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Progressieve retina atrofie – cone-rod dystrophy 4 (cord1-PRA/crd4)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
autosomaal recessief
Lijders van autosomaal recessieve aandoeningen mogen enkel ingezet worden indien het welzijn van het dier en de nakomelingen verzekerd is. Vrij door afstamming: wanneer beide ouders van een fokdier aan de hand van DNA vrij getest zijn voor een aangetast of afwijkend allel en via ouderschapsverificatie is aangetoond dat ze de ouders zijn, hoeft het fokdier niet opnieuw te worden getest, maar mag ervan uitgegaan worden dat het fokdier eveneens vrij is van het desbetreffende aangetaste of afwijkende allel. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Oogonderzoeken
| Test | Methode | Frequentie | Leeftijd | Overerving | Advies | Info | Formulier | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Cataract (congenitaal) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Cataract (congenitaal)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Cataract congenitaal
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Cataract (niet congenitaal) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Cataract (niet congenitaal)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Cataract niet congenitaal* vrij: het dier vertoont geen verschijnselen van niet congenitale cataract* verdacht: zeer geringe afwijkingen, die mogelijk passen bij het klinische beeld van niet congenitale cataract, deze zijn echter onvoldoende specifiek * corticaal: elke vertroebeling in de voorste en/of achterste cortex, één- of tweezijdig (posterieure polaire cataract valt hier NIET onder) * posterieur polair: dit is een subtype van de corticale cataract: een driehoekige (soms schijfvormige) plaque in de centrale achterste cortex. Soms grenst er een kleinere satellietrozetlaesie aan de centrale vertroebeling. Indien het gaat om een progressieve cataract, zijn er witte vertroebelingen in de achterste cortex * nucleair: elke witte vertroebeling in de kern, uitgezonderd "fiberglass-like/pulverulent" (zie "Andere") * andere: hieronder vallen volgende cataracten:
* ongetest: er werd geen oogonderzoek uitgevoerd |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Collie eye anomaly (CEA) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Collie eye anomaly (CEA)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Collie eye anomaly - CEA
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Corneadystrofie | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Corneadystrofie
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Corneadystrofie
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Distichiasis / Ectopische cilia | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Distichiasis / Ectopische cilia
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Distichiasis / Ectopische cilia
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Ectropion / Macroblepharon | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Ectropion / Macroblepharon
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Ectropion / Macroblepharon
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Entropion / Trichiasis | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Entropion / Trichiasis
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Entropion / Trichiasis
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Hypoplastische- / Micropapil | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Hypoplastische- / Micropapil
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Hypoplastische- / Micropapil
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Persisterende pupillaire membranen (PPM) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Persisterende pupillaire membranen (PPM)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Persisterende pupillaire membranen - PPM
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Persisterende Hyperplastische Tunica Vasculosa Lentis/Primair Vitreum (PHTVL/PHPV) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Persisterende Hyperplastische Tunica Vasculosa Lentis/Primair Vitreum (PHTVL/PHPV)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: PHTVL/PHPV
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Primaire lens luxatie (PLL) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Primaire lens luxatie (PLL)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Primaire lens luxatie - PLL
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Retinadegeneratie (PRA) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Retinadegeneratie (PRA)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Retinadegeneratie - PRA
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Retinadysplasie (RD) | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Retinadysplasie (RD)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Retinadysplasie - RD
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Ernst oogaandoening | Algemeen oogonderzoek | 2 jaar geldig | minimum 1 jaar | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Ernst oogaandoening
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hond: Ernst oogaandoeningBij het oogonderzoek kan worden aangeduid of er een ernstige oogaandoening aanwezig is. Voor het fokadvies is dit enkel gunstig wanneer ernstig niet is aangevinkt bij beide ouderdieren. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Aanbevolen prestatieonderzoeken
Algemene onderzoeken
| Test | Methode | Frequentie | Leeftijd | Overerving | Advies | Info | Formulier | |||||||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Cerebellar Ataxia (CA) RAB24 XM_005619162.3:c.113A>C | DNA test | Eenmalig | vanaf geboorte | autosomaal recessief | ||||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoek: Cerebellar Ataxia (CA)
OK = positief
VW = voorwaardelijk positief
NEE = fokverbod
De tabel toont het advies op basis van de combinatie van het resultaat van ouder 1 en ouder 2.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
autosomaal recessief
Lijders van autosomaal recessieve aandoeningen mogen enkel ingezet worden indien het welzijn van het dier en de nakomelingen verzekerd is. Vrij door afstamming: wanneer beide ouders van een fokdier aan de hand van DNA vrij getest zijn voor een aangetast of afwijkend allel en via ouderschapsverificatie is aangetoond dat ze de ouders zijn, hoeft het fokdier niet opnieuw te worden getest, maar mag ervan uitgegaan worden dat het fokdier eveneens vrij is van het desbetreffende aangetaste of afwijkende allel. |
||||||||||||||||||||||||||||||||
Globaal advies
Doel van het fokprogramma
Het fokprogramma is gericht op het verminderen van de meest voorkomende erfelijke aandoeningen, zonder daarbij te veel honden uit te sluiten, om de genetische diversiteit binnen de ras populatie te behouden. In plaats van systematisch dieren uit te sluiten, hebben we een fokadvies opgesteld dat gebaseerd is op doordachte combinaties. Hierbij wordt uiteraard rekening gehouden met de fysieke gezondheid van de dieren, en honden die lijden aan één van deze aandoeningen worden uitgesloten voor de voortplanting.
Inteelt
Een teef mag niet worden gedekt door haar grootvader, haar vader, haar broer, haar halfbroer, haar zoon of haar kleinzoon.
De inteeltcoëfficiënt (COI) van een nakomeling mag maximum 1% hoger zijn dan de gemiddelde COI van beide ouders berekend op minimum 3 generaties. Zijn er minder dan 3 generaties van de ouders gekend, dan is de combinatie enkel toegestaan als er geen gemeenschappelijke voorouders zijn langs zowel vaders- als moederskant. Alle fokadviezen voor de verplichte testen moeten dan positief zijn.
Om te voorkomen dat ziekte veroorzakende mutaties zich te veel verspreiden binnen het ras of de populatie, is het essentieel om een reu niet te vaak te laten dekken. Zo beperken we de verspreiding van schadelijke genetische varianten en dragen we bij aan het behoud van de gezondheid van het ras op lange termijn.
Sperma ingevroren vóór 01/01/2025 mag gebruikt worden voor inseminatie van een teef, op voorwaarde dat de teef de verplichte prestatieonderzoeken heeft ondergaan en hiervoor resultaten heeft waaruit een (voorwaardelijk) positief resultaat zou kunnen voortkomen. Voor DNA testen wordt het gebruik van diepvriessperma gelijkgesteld aan het gebruik van een ongeteste reu, uitgezonderd als de reu getest is voor of na het invriezen.
Onderzoeken
De verplichte onderzoeken moeten uitgevoerd worden. Zodra één of meer van deze uitslagen een "fokverbod" is, mag deze combinatie niet uitgevoerd worden.
Bij een DNA-test is alleen "positief" of "fokverbod" advies mogelijk. Bij bepaalde onderzoeken is ook een voorwaardelijk positief fokadvies mogelijk. Voorwaardelijk positief fokadvies betekent dat dit geen ideale paring is op basis van deze test, maar dat de paring wel is toegestaan. Dergelijke combinaties worden toegestaan om de genetische diversiteit van een ras niet in het gedrang te brengen.
Afhankelijk van het aantal klinische onderzoeken waaruit een voorwaardelijk positief fokadvies kan komen, wordt er een maximum aantal voorwaardelijk positieve uitslagen toegelaten:
- 1-2 onderzoeken: max 1 keer voorwaardelijk positief
- 3-4 onderzoeken: max 2 keer voorwaardelijk positief
- 5 of meer onderzoeken: max 3 keer voorwaardelijk positief
- Oogaandoeningen worden hierbij buiten beschouwing gelaten